Redactie Klugtenkrant: p/a Leidsevaart 229 · 2203 LC NOORDWIJK · Giro 1982912 (t.n.v. Klugtenkrant)

Piet Gijzenbrug


De familie van der Klugt is generaties lang verbonden geweest met Piet Gijs. De officiële naam van de buurtschap is Piet Gijzenbrug dat zowel in Noordwijkerhout als in Voorhout ligt. In de overzichten wordt Piet Gijzenbrug nog steeds aan beide gemeenten toe gedeeld. Het merendeel van de woningen staat aan de Noordwijkerhoutse kant van deze buurt. Onze (groot)vader Jan (J.P.) van der Klugt is geboren in een huis schuin achter de winkel van Leen van Schooten, waar dus Opa en Opoe Klugt woonden.
Aan de Leidsevaart 4, stond een vrijstaande woning waarvoor de eerste steen op 20 juli 1911 gelegd werd door Joh. (= Johanna) ofwel Annie, een oudere halfzus van tante Ida, allebei dochters van de bouwheer Willem Hoogenstraaten. De geschiedenis van het huis is beschreven door Truus en staat in de Zomereditie van de KlugtenKrant in 2002.

De woning werd in 1920 gekocht door (over) grootvader kleine Jan van der Klugt en Maria (Mie) Warmerhoven, die het vanaf dat moment ook bewoonden. In de stukken van het kadaster heet het "Piet Gijzen Brug 4, nummer C 826, soort van eigendom huis en tuin, groot 2 are en 296 centi-are". Onze (groot) vader Jan (J.P.) van der Klugt woonde er vanaf ongeveer zijn 16e levensjaar. Vanuit dit huis trouwde hij met Alie Hoogenstraaten. Op dat moment trok hij in bij zijn schoonouders aan de 's-Gravendamseweg 19. Deze weg heette aan het begin van de twintigste eeuw Stationsweg maar werd ook wel Piet Gijzenlaan genoemd. Zoals U aan bijgaande rekening kunt zien, vond Opa en bakker J.M. Hoogenstraaten ook dat hij aan de "Piet-Gijzenbrug" woonde.

In 1960 verhuisden onze Pa en Moe naar Duin en Dal in Noordwijkerhout. Zoon en broer Jaap trouwde toen met Nel Warmerdam en het jonge paar nam de bakkerij en woning over. Tot zijn dood in 1996 heeft Jaap op dit adres gewoond . Met zijn overlijden kwam er een eind aan de betrokkenheid van de van der Klugten met Piet Gijs. Omdat alle kinderen van de eerste generatie aan Piet Gijs geboren en opgegroeid zijn, en er enkelen vanuit dit huis getrouwd zijn, is er nog steeds een grote emotionele band met deze buurt.

Jan van der Klugt (Jan van Jan (J.P.) van (kleine) Jan) heeft er een lied over gemaakt waarvan de volledige tekst in de Herfstuitgave 2001 van de KlugtenKrant staat:

De bakkerswinkel

Wijze: Het tuinpad van mijn vader, van Wim Sonneveld

Hier heb 'k een oude ansichtkaart,
ik heb hem jarenlang bewaard,
Ons huis aan de Piet Gijzenbrug.
Het winkeltje, de bakkerij,
op negentien daar woonden wij
Daar denk ik nog zo vaak aan t'rug.
Ik weet nog heel goed hoe het was,
ik zit aan d'overkant in 't gras,
Ik zie de mensen gaan en komen
Men had toen nog niet zo'n haast,
neem Gerrit nou en buurman Klaas,
Die staan daar rustig wat te "bomen".
Dan zie ik weer die bakkerswinkel,
waar steeds weer mensen binnengaan,
Ik was een kind en wist niet beter,
dan dat dit altijd bleef bestaan.

Bovenstaande foto's van de bakkerswinkel en "de lange buurt" geven niet alleen een goed beeld van de woningen maar ook van de transportmiddelen die de middenstand door de jaren heen gebruikte.

Op de hoek van de lange buurt staan ook nu nog huizen waarin vroeger ook een paar winkeltjes zijn geweest. Op de hoek zat het kruideniertje Jan de Rijk. Toen dat verdween kwam vlak ernaast de melkhandel van Gerrit Slot en aan het einde van het rijtje lage huizen zat bakker (Opa) Hoogenstraaten. Klandizie hadden ze genoeg dankzij de vele schippers die aanlegden bij Piet Gijs. Er waren zandschuiten want zand was er in de Noordwijkerhoutse duinen genoeg. Er kwamen mestschuiten en in het najaar de rietschippers. Verder kwamen er dagelijks de beurtschippers: van Leeuwen van Noordwijk en de Noordwijkerhouter Broekhof. Ze haalden en brachten van alles mee uit de stad voor de winkels en voor particulieren in de dorpen. Jan Heiligenberg uit Oude Wetering kwam langs met zijn potten- en pannenschuit en als er een nieuwe laag kool-as op de wegen moest worden aangebracht, kwam Kortekaas uit Warmond met een lading. En dan waren er nog de vele tuinders die hun groenten naar de veiling De Eendracht brachten die vlak bij het stationsrestaurant stond. Op de losplaats lagen dan hele stapels zakken met groenten. Rijnsburgers kwamen meestal met de hittekar naar De Eendracht. Veel groente ging dan met de trein naar de Leidse inmakers. Maar de hoogtijdagen voor de buurtschap kwamen in d oorlog 1914-1918 toen 70 bollenkwekers zich verenigden in de Codro, de Coöperatieve Drogerij, waar in de topdrukte 200 mensen de groente wasten, droogden of inzoutten. De hele oorlog lang vertrokken er treinwagons vol met wortelen, aardappelen, koolrapen en bonen richting Duitsland.

Uit een boekje van "Oud Noordwijkerhout" hebben we een overzicht van de bewoners van 1915 overgenomen.

De brug die over de Leidse- of Haarlemmertrekvaart ligt is de naamgever voor de buurtschap Piet Gijzenbrug. De vaart werd in 1657 met de hand gegraven en was 28½ kilometer lang en 15 tot 20 meter breed. De officiële diepte was 1.90 meter. Details van de geschiedenis van de oorsprong van de trekvaart zijn beschreven in het artikel in de Winteruitgave van de KlugtenKrant in 2000. Vóórdat de vaart gegraven werd, was er op dezelfde plaats een beek. Die heette "die Swette" maar werd ook wel "de Zwet" genoemd en op de plaats waar nu brug is was er een doorwaadbare plaats. Als in de middeleeuwen de graven van Holland op hun kasteel Teylingen vertoefden voor een jachtpartij in "des Graven Wildernisse", de huidige duinen, doorwaadden zij op deze plaats het water. Jacoba van Beieren heeft in haar tijd een dam aan laten leggen in deze beek. De weg van Teylingen naar de wildernis heet sinds mensenheugenis dan ook niet voor niet 's-Gravendamscheweg.

Na het verbreden en uitdiepen voor de aanleg van de trekvaart was aan de Zuidwestelijk hoek een herberg gevestigd. Hier werden de paarden die de trekschuiten "jaagden" verwisseld. Deze paarden liepen op het pad aan de westzijde van de trekvaart. De oorsprong van de Haarlemmertrekvaartweg (aan de noordkant van de brug) en de Leidsvaart (naar het zuiden) is dus een jaagpad voor de paarden. Later, met de aanleg van de spoorweg in de e erste helft van 19e eeuw, werd het logement een "Stations-koffyhuis" dat volgens de overlevering genoemd werd naar een van de eerste uitbaters van de gelegenheid Piet Gijs. Volgens de dienstregeling van de Nederlandse Spoorwegen kon men vanaf 1920 bijna iedere half uur vertrekken naar Leiden of Haarlem. Voor van Gool, de caféhouder van Piet Gijs, een extra reden een busdienst te gaan onderhouden van Piet Gijzenbrug naar het dorpsplein van Noordwijkerhout.

Een foto gemaakt vanaf het perron toont het stations-koffiehuis. Naast het logement is er een stalling voor paard en wagen, zoals ook vermeld is in de gevel van het gebouw.

Door de jaren heen zijn er veel verschillende kasteleins geweest, maar speciaal bij Willem ten Braak heeft onze Wim jarenlang biljart gespeeld. De uitspraak "noteren, nul punten voor Piet Gijs" zijn gevleugelde woorden geworden. Daarvóór, in de vijftiger jaren van de vorige eeuw, was Dorus van de Berg de herbergier. Uit de schets van de bewoners hierboven weten we dat van Gool in 1915 het café Piet Gijs uitbaatte en in overzicht van de St. Victorkerk uit 1865 staat dat Jan Huig de herbergier is. We weten ook dat in 1857 Jan van Schie jr. beslag wist te leggen op

"een huis met verdere gebouwen, erf en tuin, ingerigt tot Herberg, genaamd "Vaart en Landzigt"

alles staande en gelegen tegenover het station "Piet Gijzenbrug". Nu is er in de vroegere paardenstalling het "Ristorante Pizzeria La Salute" gevestigd, terwijl het oorspronkelijke koffiehuis nu "Restaurant Hillarey's" heet.

Een ander gebouw dat een dominante plaats innam aan de Piet Gijzenbrug was het station dat aan de Zuidoostelijke hoek van de brug lag. Het was een groot stationsgebouw met een rechthoekig middendeel en met twee lage vleugels en is rond 1870 gereedgekomen. Dit was al relatief kort nadat de eerste "ijzeren spoorweg" tussen Haarlem en Leiden in 1840 geopend werd. Het gebouw is in 1965 helemaal verdwenen. Hoewel het station ten oosten van de Leidsevaart lag, op grondgebied van Voorhout heette het formeel "station Noordwijkerhout" met de geografische verkorting Nwh. In de volksmond werd het station Piet Gijzenbrug genoemd, wat ook aan de zuidkant van het stationsgebouw op de gevel stond. Het lag aan de spoorlijn Amsterdam - Rotterdam bij kilometerpaal 36.

© HML 2010 Valid XHTML 1.0 Transitional         Valid CSS